Transparantie over hoe we berekenen, welke data we gebruiken en wat de beperkingen zijn.
De bruto-netto berekening is gebaseerd op de definitieve box 1-tarieven 2026. We berekenen de belasting over het ingevoerde bruto jaarsalaris, passen heffingskortingen toe en tonen het netto resultaat. De berekening is indicatief — zie Kanttekeningen voor de beperkingen.
| Schijf | Inkomen | Tarief |
|---|---|---|
| Schijf 1 | €0 – €38.883 | 35,75% |
| Schijf 2 | €38.883 – €78.426 | 37,56% |
| Schijf 3 | Boven €78.426 | 49,50% |
Tarieven zijn inclusief premies volksverzekeringen. Het progressieve stelsel betekent dat je alleen over het deel boven de schijfgrens het hogere tarief betaalt.
| Korting | Maximum | Afbouw |
|---|---|---|
| Algemene heffingskorting | €3.115 | 6,398% boven €29.736, nihil boven €78.426 |
| Arbeidskorting | €5.685 | 6,51% boven €39.958, nihil boven ~€127.285 |
| Ouderenkorting (67+) | €1.835 | Nihil boven €44.770 |
Pensioenpremie verlaagt het belastbaar inkomen — je betaalt er pas belasting over als je later pensioen ontvangt. De berekening: pensioengrondslag = bruto − franchise. De franchise is het deel van je salaris dat al gedekt wordt door de AOW (±€1.491/mnd in 2026). De selecteerbare fondsen en percentages zijn indicatief; exacte waarden staan op je loonstrook.
Voor ZZP'ers passen we de zelfstandigenaftrek toe (€1.200 in 2026, daalt jaarlijks) en de MKB-winstvrijstelling (12,7%). Het geschatte bruto bedrag wordt vermenigvuldigd met een winstfactor afhankelijk van de gekozen winstrange (laag/gemiddeld/hoog). De uitkomst is een grove indicatie; ZZP-belasting hangt sterk af van zakelijke kosten en andere persoonlijke factoren.